Meer nachtelijke hinder Schiphol

Meer nachtelijke hinder Schiphol

CASTRICUM - sinds de sluiting van de oostelijke nachtelijke aanvliegroute op de Polderbaan van Schiphol in 2015 ervaart de regio Haarlem-IJmond-Alkmaar meer hinder dan voorheen.

De negen gemeenten van de regio hebben minister Cora Nieuwenhuizen-Wijbenga (Infrastructuur en Waterstaat) duidelijkheid gevraagd over de precieze termijn van de herinvoering van de oostelijke nachtelijke aanvliegroute.

Ook is er ongenoegen over het uitblijven van het terugbrengen van het aantal nachtvluchten van 32.000 naar 29.000, zoals al in 2013 is overeengekomen in de Omgevingsraad Schiphol.

De negen gemeenten zijn de gemeenten Alkmaar, Bergen, Beverwijk, Castricum, Haarlem, Heemskerk, Heiloo, Uitgeest en Velsen.

Onlangs is door de Omgevingsraad Schiphol een voorstel goedgekeurd van de Luchtverkeersleiding en Schiphol voor hinderbeperking bij het nachtelijk aanvliegen vanuit het noorden. Hierin wordt de hinder voor een deel echter onaanvaardbaar verplaatst naar het toch al zwaar belaste gebied Castricum-Noord en Limmen. 

Het ministerie heeft al in de zomer van 2018 onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor een tijdelijke nachtsluiting van Schiphol. Inmiddels krijgt een nachtsluiting steeds meer steun, maar is er voor de 9 gemeenten nog steeds geen duidelijkheid over de maatregelen. 

De regio Haarlem-IJmond-Alkmaar zal invloed blijven  uitoefenen om de nachtelijke oostelijke aanvliegroute (Artip2C) zo snel als mogelijk weer ingevoerd te krijgen. De regio stelt ook het nut en de noodzaak van de nachtvluchten aan de orde. 

Foto: archief Omroep Castricum.